Burenruzie
Mijn klant had een grote volière achter zijn woning, vol prachtige en dure vogeltjes. Hij was oud en alleen en zijn vogels vormden zijn lust en zijn leven. Nu had de buurman een groot braak stuk grond achter zijn woning. Zijn zoon en diens vrienden konden daar naar hartenlust crossen met lawaaiige motoren. Maar iedere keer als die jongens daar zo bezig waren, werden zijn vogeltjes doodsbang en vlogen zich soms dood in de volière. Zijn pogingen met de jongens te praten liepen uit op gelach: “Wat moet die ouwe dan?” De buurman zelf vond dat de jongens op eigen terrein mochten doen wat ze wilden. Mijn klant moest het zich maar uitzoeken met zijn “rotte vogeltjes”. U begrijpt, de sfeer was niet fijn.
Ik dacht dat daar toch over te praten moest zijn. Procederen kost geld, duurt lang en leidt er vaak toe dat de rechter mensen aanzet tot met elkaar praten. Een afspraak met de buurman was gauw gemaakt. De man was vriendelijk aan de telefoon. In zijn woning volgde een gesprek dat aanvankelijk goed verliep. De man vertelde me, dat zijn buurman, mijn klant dus, al twee maal zijn ruiten met een baksteen had ingegooid, midden in de nacht. En dat zijn auto al een aantal malen was bekrast. En dat de buurman, mijn klant dus, zich in zijn woordkeuze ook niet onbetuigd liet. Terwijl hij beschreef waarvoor hij allemaal was uitgemaakt, werd hij zó verschrikkelijk boos, dat hij me letterlijk naar de keel vloog, omdat ik zo’n “smeerlap” wilde helpen. Ternauwernood kon ik het vege lijf redden door de woning uit te vluchten.
Een ander advies dat iedere advocaat wordt ingeprent is: maak het probleem van de klant nooit tot jouw probleem. Een paar jaar geleden dacht ik - echt waar, voor de eerste keer – dat ik dat voor één keer niet hoefde te doen. Iemand was failliet geweest en kon niet in de schuldsanering. Hij was naar België verhuisd. Hij had daar een bedrijfje opgezet waar hij houten spullen maakte. Omdat hij geen geld had, behielp hij zich met eenvoudige machines en gereedschappen. Nu kon hij ergens tweedehands een juweel van een houtbewerkingsmachine kopen voor € 6.000,- en daarmee zijn omzet verdubbelen. Hij was alle banken afgelopen, maar niemand wilde hem dat geld lenen. Hij rekende voor dat hij een lening binnen een jaar kon terugbetalen, mèt rente.
De man had een gezin met drie kinderen en ik had waardering voor zijn vechtlust. Ik bezocht, samen met mijn vrouw, zijn gezin en zijn bedrijfje. Ik had alle vertrouwen in die mensen en ook mijn vrouw zag het zitten. Aan dat laatste hecht ik veel waarde, want zij heeft een bijna feilloos gevoel voor mensen. Ik leende de man € 6.000,- en maakte een sluitend contract. Ik zou de machine kopen en hij zou de machine van mij huren voor € 500,- per maand. Als hij dan na een jaar € 6.000,- had betaald, kon hij de machine van mij kopen voor het bedrag van de rente en iets voor de kosten die ik had moeten maken.
De eerste maanden betaalde hij trouw. Toen moest ik iedere maand sappelen en ontstond er achterstand. Na ruim 2 jaar had hij pas € 5.000,- betaald en toen kwam er niets meer. Op mijn brieven reageerde hij niet en de telefoon nam hij niet op. Ik ging naar zijn bedrijf in België om te praten. Ik trof niets en niemand aan. Hij was een half jaar geleden verdwenen, met zijn gezin en met de machine. En sindsdien is hij spoorloos. Ik deed aangifte van verduistering, maar justitie vindt hem niet. Zelfs de kinderen staan op geen Belgische of Nederlandse school ingeschreven. En de gemeente kreeg geen verhuisbericht. Zowel de verhuurder van zijn bedrijf als die van zijn woning bleven onbetaald achter.
De ruim € 1.000,- schade die ik leed beschouw ik maar als straf voor domheid. En toch wens ik u een heel gelukkig jaar 2011.
Reageren?
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.


