
De wijkagent
Een interview met Thijs Helmink kost niet de minste energie. Hij straalt een enthousiasme uit dat aanstekelijk is. Je voelt: deze man zit lekker in zijn vel, is gedreven en heeft veel plezier in zijn werk: de wijkagent.
Hoe is dat zo gekomen? Thijs vertelt: ”Het is bijzonder. Ik ben als 4de van vijf kinderen opgegroeid in een arbeiders-gezin in de Hubertusparochie. Al in mijn vroege jeugd wilde ik politieman worden en ik heb nooit wat anders gewild. Op mijn 16de solliciteerde ik bij de politie en toen ik de MULO af had werd ik op 17-jarige leeftijd toegelaten op de politieschool. Daarvoor moest ik naar Amsterdam.”
Na een jaar algemene politieopleiding volgde Thijs vier maanden een ME-opleiding, dus voor de mobiele eenheid. Daarna werd hij ondergebracht in wat men toentertijd het “posthuis” noemde. Vanuit het posthuis deed je 3 maanden uniformdienst in Amsterdam en dan was je gereed als straatagent of, zoals men het ook noemde, als “diender”.
Van 1971 tot 1979 werkte hij in Amsterdam. ”Aan die tijd denk ik met plezier terug. De mensen in Amsterdam zijn opener dan de Limburger en kijken ook anders tegen de politie aan dan de mensen hier. Als je daar als politieagent bij iemand aanbelde, werd je joviaal begroet en uitgenodigd binnen te komen en een kop koffie te drinken. Toen ik later in Venlo kwam werken was dat heel anders. Als je hier aanbelde bekeek men je met iets van argwaan of zorg. Je ziet mensen denken: heb ik iets verkeerd gedaan? Is er iets ergs gebeurd? En je ziet de halve buurt achter de ramen staan kijken wat er aan de hand is dat daar de politie voor de deur staat. In Amsterdam kijkt daar niemand van op.”
Sinds 1979 woont Thijs in Hout-Blerick. Hij is getrouwd met Els Janssen, die geboren en getogen is in onze wijk. Zij woonde namelijk in de Fort St. Michielstraat in een van de huisjes die zijn afgebroken in verband met de aanleg van de Eindhovenseweg. Thijs en Els hebben drie kinderen, van wie er een op 14-jarige leeftijd door een verkeersongeval om het leven kwam. De andere twee zijn inmiddels 24 en 21 jaar. Sinds zijn komst naar de Venlose politie werkte hij een jaar in uniformdienst en daarna bij de recherche, waar hij al gauw chef werd van de afdeling jeugd en zeden. Negen jaar later keerde hij terug bij de geüniformeerde dienst en promoveerde tot brigadier. Thijs: ”Toen vijf jaar later, het was 1995, het verschijnsel wijkagent in Venlo werd ingevoerd, werd ik de eerste wijkagent in Blerick. Aanvankelijk heb ik nog intensief meegewerkt aan het onderzoek naar de Bende van Venlo, maar allengs werd dat werk minder en was ik full time wijkagent. Er zijn voor Blerick 3 wijkagenten. Ik ben er voornamelijk voor het centrum. Naast het werk als wijkagent houd ik me ook bezig met de opleiding van nieuw personeel en ben ik ‘teamleider explosieven’. Ik handel dus bommeldingen af, incidenten met explosieven en bijvoorbeeld poederbrieven. Het opruimen van de bom die begin 2008 is gevonden in de Pepijnstraat en de veiligheid en berichtgeving daaromheen was dus mijn verantwoordelijkheid.”
Thijs Helmink is een toegankelijk mens. “Als wijkagent sta ik voor alle mensen open. Het bureau aan de Van Bornestraat is iedere werkdag van 9 tot 5 uur open. Als ik er zelf niet ben vangt iemand je op en zorgt dat ik contact opneem. Er is 24 uur per dag minstens één politievoertuig beschikbaar voor Blerick en als het nodig is meer. Ik houd me bezig met alles wat in Blerick gebeurt. Carnaval, kermis, activiteiten op het kazerneterrein, het vraagt allemaal mijn aandacht. Ik adviseer over de oplossing van problemen, op het gebied van verkeer, veiligheid, overlast, noem maar op. En ik kan collega’s en mensen van de gemeente inschakelen waar dat nodig is.”
Onze wijk kent dezelfde criminaliteitscijfers als andere wijken. Wat opvalt aan onze wijk is volgens Thijs dat er minder overlastmeldingen zijn dan gemiddeld. “Een tip voor de wijk-bewoners? Om de leefbaarheid van de wijk op te krikken, de veiligheid van de wijk te vergroten en verloedering terug te dringen, is samenwerking tussen bewoners, politie en andere instanties van belang. De wijkbewoners kunnen me daarvoor altijd benaderen.”
P.H.


